Nederland loopt internationaal voorop als het gaat om het registreren en beheren van ondergrondse infrastructuur. KLIC van het Kadaster geldt wereldwijd als een voorbeeld van hoe standaardisatie en digitalisering kunnen bijdragen aan veilig en efficiënt werken in de ondergrond. Maar met de enorme opgaven van de energietransitie is een volgende stap noodzakelijk. Met ‘Registratie aan de Sleuf’ sorteert Sogelink Nederland daar alvast op voor.
De energietransitie vraagt om een ongekende uitbreiding van de Nederlandse infrastructuur. Nieuwe en verzwaarde elektriciteitsnetten moeten sneller worden aangelegd dan ooit tevoren. Toch blijft één belangrijke succesfactor vaak onderbelicht: digitalisering. “De grootste uitdagingen zitten niet alleen in personeelstekorten, vergunningen of materiaalbeschikbaarheid. Ook inefficiënte datastromen en handmatige processen veroorzaken vertraging”, zegt Victor van Baal, Managing Director van Sogelink Nederland. “Zonder goede software en gestandaardiseerde gegevensuitwisseling kun je simpelweg niet opschalen.”
Om die reden introduceert Sogelink Nederland de nieuwe oplossing ‘Registratie aan de Sleuf’. De software bouwt voort op de succesvolle Klic App van het bedrijf en maakt het mogelijk om hoofdnetten digitaal vast te leggen tijdens de uitvoering van projecten. “De oplossing sluit aan op de ontwikkeling van de NLCS++-standaard, die zorgt voor een uniforme uitwisseling van gegevens tussen netbeheerders, aannemers en andere betrokken partijen”, vertelt Peter van Dijk, Head of Product bij Sogelink Nederland. “Ontwerpen worden digitaal meegenomen naar het werkveld, waarna uitvoerders wijzigingen direct kunnen verwerken en terugleveren als revisiegegevens.”
Hiermee ontstaat een zogenaamde ‘closed loop’-aanpak: wat buiten wordt gebouwd, wordt vrijwel direct digitaal verwerkt en teruggekoppeld naar netbeheerder en Kadaster. Nieuwe infrastructuur is daardoor sneller beschikbaar in de registratiesystemen en bij toekomstige KLIC-meldingen.

De voordelen van de nieuwe applicatie zijn volgens Victor aanzienlijk. “Waar voorheen vaak nog landmeters nodig waren om gerealiseerde infrastructuur achteraf in te meten, kunnen uitvoerders deze registratie nu direct tijdens het werk uitvoeren. Dat bespaart tijd, voorkomt overdrachtsfouten en versnelt de administratieve afhandeling.”
Voor aannemers is dat belangrijk. De vraag naar werk is enorm, terwijl personeel schaars blijft. De uitdaging is daarom niet alleen méér werk uitvoeren, maar vooral slimmer werken.
Sogelink heeft daarbij één uitgangspunt: technologie moet eenvoudig blijven. “De mensen in het veld zijn immers bezig met het aanleggen van infrastructuur, niet met complexe software”, benadrukt Peter. “Daarom is ‘Registratie aan de Sleuf’ geïntegreerd in de bestaande Klic App Pro, die al breed wordt gebruikt binnen de sector.

De eerste pilots starten dit jaar in samenwerking met aannemers en netbeheerders. Tegelijkertijd kijkt Sogelink al verder vooruit. “Op de roadmap staan toepassingen zoals augmented reality, waarmee gebruikers kabels en leidingen zichtbaar kunnen maken in het camerabeeld van een smartphone of tablet”, zegt Peter. “Ook wordt gewerkt aan toepassingen met LiDAR-scanning en point clouds, waarmee infrastructuur in de toekomst nog eenvoudiger en nauwkeuriger kan worden vastgelegd.”
Daarnaast worden steeds meer databronnen geïntegreerd, zoals informatie over archeologie, explosieven, bodemkwaliteit en boomwortels. Zo groeit de Klic App Pro stap voor stap uit tot een centraal platform voor alle relevante informatie rond ondergrondse projecten.
Victor tot besluit: “Om de energietransitie daadwerkelijk te versnellen, zijn niet alleen mensen en materialen nodig. Minstens zo belangrijk zijn slimme, stabiele softwareoplossingen en verdere standaardisatie van de keten. Alleen dan kan de sector de enorme maatschappelijke opgave succesvol realiseren.”