Waterbouw onder complexe omstandigheden
Het oostelijke deel van het Noord-Oostzeekanaal in Duitsland vormt al jaren een knelpunt voor de scheepvaart. De kanaalstrook werd ruim een eeuw geleden aangelegd onder Keizer Wilhelm. Door toenemend scheepsverkeer en grotere schepen liepen de belasting en druk op de oevers op, terwijl delen van het tracé nog altijd de afmetingen uit 1914 hadden. Hierdoor konden grote schepen elkaar niet passeren en moesten er één voor één langs. Om het kanaal toekomstbestendig te maken, is een grootschalige verbreding gestart. Van den Herik-Sliedrecht werkte binnen een joint venture mee aan een 4,5 kilometer lang deeltraject tussen Großkönigsförde en Groß-Nordsee.
Het project werd uitgevoerd in opdracht van WNA Nord-Ostsee-Kanal, waarbij de kanaalbodem in fasen wordt verbreed van 44 naar minimaal 70 meter en scherpe bochten worden verruimd.
Dit deeltraject bestond uit diverse ophooglagen met grote hoogteverschillen en een sterk heterogene grondopbouw, wat de stabiliteit beïnvloedde. Ook bleef de scheepvaart tijdens de werkzaamheden doorgaan. “Dat soort zaken maakte de verbreding zowel technisch als logistiek complex”, zegt Teo Huisman, regiomanager buitenland bij Van den Herik. “Er moest soms 20 meter droog ontgraven worden voordat we bij de waterlijn waren.” In totaal is er 1,5 miljoen kuub droog grondmateriaal ontgraven en daarna nog zo’n 1,1 miljoen kuub nat afgevoerd in de baggerfase.

Van den Herik werkte in combinatie met Depenbrock en DEME. Depenbrock bracht het tracé tot aan de waterlijn op diepte, Van den Herik realiseerde de nieuwe oeverbescherming (circa 180.000 ton) – op sommige locaties zelfs tot op de kanaalbodem, zo’n 11 meter diepte. Nadat dat grotendeels in den droge was uitgevoerd, is in samenwerking met DEME de natte fase uitgevoerd. “Omdat je diverse watervoerende lagen doorsnijdt, was er sprake van grote wateraandrang, waardoor we een gesloten bemaling met drains moesten toepassen in plaats van een open bemaling”, vertelt René Meijer, verantwoordelijk voor Duitse projecten. “Dat vraagt veel coördinatie en maakt zo’n werk aanzienlijk intensiever.”
Volgens Huisman en Meijer is het cruciaal dat je als joint venture één team vormt. “Open naar de klant, meedenken en oplossingen bieden”, zegt Huisman. Meijer vult aan: “Wij wachten niet af, maar graven dóór. Oplossingsgericht met focus op voortgang en deadlines. Het komt altijd goed, hoe lastig het soms ook is.”
Na het verwijderen van de oude oeverlijn werd het kanaal definitief verbreed. Het deeltraject is inmiddels technisch afgerond en eerder dit najaar feestelijk geopend door de bondsminister.
Volgend jaar start Van den Herik in de haven van Hamburg. Twee historische haventongen worden ingekort; het vrijgekomen materiaal wordt gebruikt om een havenbekken te dempen. “Opnieuw een groot project”, zegt Meijer. “Met 1,7 miljoen kuub grondverzet, beheerst sloopwerk, munitieonderzoek en een laagsgewijze opbouw vanwege zettingen. Een uitdaging die wij graag aangaan.”