Via een hybride omgeving van technische installaties
Bij projecten in de infrastructuur ligt de grootste uitdaging vaak niet bij nieuwbouw, maar bij het moment waarop oud en nieuw elkaar ontmoeten. Zo ook bij de verbreding van de A2 tussen de knooppunten Het Vonderen en Kerensheide. Bestaande technische installaties moeten blijven functioneren, terwijl tegelijkertijd moderne technieken gefaseerd worden geïntroduceerd. De continue synergie tussen oude en nieuwe systemen vereist regie en diepgaand inzicht in hoe beide werelden op elkaar ingrijpen. Mijnsen begrijpt dat als geen ander.
Binnen dit project vormt juist die balans tussen oud en nieuw de kern van ons werk, vertelt Theo Pernot, technisch manager bij Mijnsen. “Wij zijn gespecialiseerd in elektrische installaties binnen infrastructurele projecten. In opdracht van Boskalis vervullen wij op het A2-project de coördinatie van de werkzaamheden aan de verkeersmanagementsystemen. Ontwerp en realisatie worden uitgevoerd door HIG, terwijl wij aan de zijde van Boskalis verantwoordelijk zijn voor de integrale afstemming en bewaking van de installatietechnische werkzaamheden.”
De rol van Mijnsen kent volgens Pernot twee duidelijke dimensies. “Enerzijds toetsen wij de ontwerpen die HIG opstelt: voldoen deze aan de contracteisen en sluiten ze aan bij de afspraken met Rijkswaterstaat? Anderzijds bewaken wij de inhoudelijke samenhang tussen ontwerp, uitvoering en centrale systemen. Wij staan letterlijk en figuurlijk tussen de partijen in en zorgen dat techniek, contract en praktijk op elkaar aansluiten.”

De grootste uitdaging in dit project is de gefaseerde ombouw, volgens Pernot. “De bestaande installaties zijn gebaseerd op oude technieken, terwijl de nieuwe installaties werken met intelligente systemen en glasvezeltransmissie. Tijdens de uitvoering ontstaat daardoor een hybride omgeving: delen van het oude systeem blijven operationeel naast nieuw gerealiseerde installaties. Communicatie verloopt deels via (oude) koperverbindingen en deels via glasvezel. Die koppelvlakken tussen oud en nieuw zijn technisch complex en vragen om nauwkeurige afstemming, omdat de weg gedurende alle fasen volledig in bedrijf moet blijven.”
Wat buiten wordt aangepast, moet bovendien exact overeenkomen met de configuratie in de systemen van de verkeerscentrale in Helmond. “Elke wijziging langs de wegkant in signalering, rijstrookindeling of camerabewaking moet digitaal worden vertaald naar de centrale systemen”, legt Pernot uit. “Een ogenschijnlijk eenvoudige wijziging buiten, bijvoorbeeld het opheffen van de spitsstrook, betekent binnen een fundamentele aanpassing van de aansturing en bewaking. Waar voorheen intensieve camerabewaking nodig was om de spitsstrook veilig vrij te geven, verschuift de focus nu naar incidentmanagement. Met minder camera’s en een andere functionele inzet dan voorheen.”
De meerwaarde van Mijnsen is volgens Pernot erop gericht dat zij zowel de buiteninstallaties als de centrale systemen door en door kennen. “Wij begrijpen de technische grenzen aan beide zijden: wat buiten mogelijk is, moet ook binnen verwerkt kunnen worden, en andersom. Die wederzijdse afhankelijkheid vraagt om ervaring en overzicht. Daarnaast beschikken wij over historische kennis, want wij waren in het verleden betrokken bij het ontwerp van de spitsstroken. Die kennis maakt dat ontmanteling en herinrichting zorgvuldig kunnen plaatsvinden, zonder ongewenste verrassingen.”
Door onze regionale betrokkenheid en jarenlange ervaring in signalering en verkeersmanagement leveren wij meer dan alleen de technische coördinatie, vindt Pernot. “Wij zorgen voor een beheerste transitie waarin oud en nieuw niet botsen, maar tijdelijk samenwerken om uiteindelijk te komen tot een toekomstbestendige A2.”