Het is nog vroeg wanneer we ons verzamelen op de DAF Proefbaan in Sint-Oedenrode voor een compleet verzorgde DAF Experience, een event waar DAF-salesorganisaties doorgaans hun dealers en klanten voor uitnodigen. Het belooft een prachtige dag te worden, want behalve dat we zelf mogen rijden met de nieuwste trucks (op diesel en elektriciteit), krijgen we ook een rondleiding door de fabriek én sluiten we dag af met een bezoekje aan het museum.
Onze ‘experience’ begint op het terrein waar elke nieuwe truck zijn eerste ‘praktijkjaren’ in enkele maanden doorloopt. Terwijl de testrijders ons begroeten, scheurt een andere combinatie voorbij. De baan simuleert kuilen, kasseien, bochten en hellingen, omstandigheden die samen goed zijn voor een equivalent van een miljoen kilometer. Remsystemen worden hier tot het uiterste getest, net als het complete onderstel. Dit is een plek waar geen detail aan het toeval wordt overgelaten. En daar mogen wij vandaag ook aan proeven.

Een breed arsenaal aan trucks van de nieuwste generatie staat tot onze beschikking, waaronder ook een reeks aan batterij-elektrische trucks die we in het vorige nummer van GWW al eens uitgebreid aan de tand hebben gevoeld. Hier op de proefbaan, waar we van een dieseltruck overstappen in een identiek model maar dan met elektrische aandrijving valt pas echt op hoe comfortabel elektrisch rijden is én hoe goed de elektrische trucks zijn. De rust aan boord is indrukwekkend en de geavanceerde aandrijflijn, bestaande uit twee afzonderlijke elektromotoren en een centrale, geïntegreerde transmissie met drie versnellingen, werkt fenomenaal. Er zijn geen voelbare schakelovergangen. DAF’s Nieuwe Generatie XD en XF Electric zijn recent dan ook bekroond met de titel International Truck of the Year 2026. De jury prees de trucks voor hun uitzonderlijke energie-efficiëntie, verfijnde en krachtige aandrijflijn en geavanceerde technische architectuur.

Vanuit de proefbaan zetten we koers richting Eindhoven voor een rondleiding door de fabriek. Een indrukwekkend complex dat teruggaat tot 1950, maar continu is gemoderniseerd. In 2024 werd de nieuwe motorenfabriek geopend, waar PACCAR-motoren in drie shifts worden gebouwd. Opvallend: er worden 10 tot 15 procent meer motoren geproduceerd dan trucks, omdat de motoren ook hun weg vinden naar bussen, touringcars en speciale voertuigen.

De rondleiding gaat verder door de plaatcomponentenfabriek, waar 20.000 verschillende onderdelen worden gemaakt. De nieuwste pers domineert de hal: 11 meter hoog, 680 ton zwaar, met een perskracht van 2.500 ton en een fundering die 20 meter de bodem in gaat. Dankzij vier enorme dempers blijft de omgeving trillingvrij. Verder zien we robots die met fonkelende lichtbogen lassen, afgewisseld met vakmensen die kleine series nog met de hand afronden. Uitlaatpijpen worden gezaagd, gebogen en geïsoleerd, bumpers gelijmd en puntgelast.

Op de assemblagelijn worden diesel- en elektrische trucks door elkaar gebouwd. De elektrische uitvoeringen slaan de dieselstappen over en gaan tijdelijk naar een aparte ruimte voor montage van accu’s en hoogvoltcomponenten. Uiteindelijk keren ze terug voor de eindafbouw. De ambitie is duidelijk: in de toekomst moet alles naadloos op één lijn samenkomen.

Het modulaire chassis, geschikt voor twee, drie of vier assen en diverse aandrijfopties, wordt volledig vlak aangeleverd. Assen, afkomstig uit het Belgische Westerloo, waar ook de cabines worden gebouwd, worden gemonteerd voordat het chassis wordt gekanteld voor verdere opbouw. Onderdelen worden precies op tijd geleverd vanuit de interne ‘supermarkt’: elke vijftien minuten vertrekt een bevoorradingstrein richting de lijn. De leanmethodiek van PACCAR is overal zichtbaar.
Tegen het einde van de middag bereiken we het eindstadium. Het is bijna onvoorstelbaar dat een volledige truck in slechts tien uur wordt geassembleerd. Terwijl een gloednieuwe truck in één van de 3.000 mogelijke kleuren langzaam naar buiten rolt, beseffen we hoe gestroomlijnd dit gigantische proces is. We sluiten de dag af in het DAF Museum, waar de stilte contrasteert met het geweld van de proefbaan en het ritme van de fabriek. Het museum toont hoe ver de technologie is gekomen, en gaat met de nieuwste tentoonstelling ‘Design met Artificial Intelligence – Verleden & Toekomst’ zelfs nog een stap verder. Een aanrader, en een passende afsluiting van een dag vol innovatie, historie en vakmanschap.